Creatief zijn

Hallo,

Heel veel mensen die zullen je vertellen dat ze niet het creatieve type zijn. Dat ze veel beter zijn in analytische dingen. Ik zou daar graag een groot vraagteken bij willen zetten. Onze hersenen zijn gemaakt om inventieve oplossingen te zoeken, ons aan te passen, buiten de hokjes te kijken en om ons artistiek uit te drukken. Ik denk wat die mensen eigenlijk willen zeggen is: “Ik ben bang om een negatieve evaluatie te krijgen als ik me durf creatief uit te drukken”. We hebben ons het idee aangepraat dat we niet creatief zijn omdat we ergens in onze kindertijd als we een projectje hadden, vervolgens ontmoedigd werden door een leraar, ouder, of leeftijdsgenootje (dat lijkt helemaal niet op een poes wat je daar tekent). Daarna vonden we het misschien niet meer leuk om te tekenen of te dansen, … Of misschien waren we al zo gewoon om onszelf met anderen te vergelijken dat de “schade” niet eens van buitenaf hoefde te komen!

Het idee dat er zo veel mensen rondlopen die ontmoedigd zijn om zich artistiek uit te drukken, en het idee hebben dat ze geen talent hebben, en dat ze misschien zelfs geen “goede” ideeën hebben maakt me verdrietig. Ik zou iedereen graag vertellen dat ze wel eens zouden kunnen schrikken van wat ze allemaal niet zouden kunnen verwezenlijken als ze over die angst heen durven komen. Ik schrijf deze boodschap ook een beetje naar mezelf, want al heb ik het geluk dat ik als kind steeds werd aangemoedigd door mijn moeder, toch zijn er heel wat disciplines waar ik al snel ben afgehaakt omdat ik dacht dat ik geen talent had.

Wat kan je doen om de kans te verminderen dat jouw kind het idee krijgt dat het geen talent heeft?

  • Houd zowel de positieve als de negatieve evaluaties voor jezelf.
  • Maak geen vergelijkingen
  • Beschrijf wat je met je zintuigen kan waarnemen
  • Spiegel de emoties van je kind
  • Vertel je kind wat het met jou doet om hem/haar bezig te zien.
  • Probeer je kind zo veel mogelijk vrijheid te geven om dingen buiten de “normale” pas om uit te proberen.

Het helpt niet om te zeggen dat jij de tekening mooi vind. Een kind kan daardoor een aantal conclusies trekken over de wereld die die haar /hem in de weg kunnen staan. bijvoorbeeld. Mijn mama vind mijn tekeningen altijd mooi, ook diegene waar ik niet zo hard voor gewerkt heb. Misschien maakt het niet uit hoe hard ik aan een tekening werk. Als ik zelf minder tevreden ben met een tekening vind iemand anders die toch nog steeds leuk, misschien kan ik niet zo goed beoordelen, of misschien telt mijn mening helemaal niet.

Als je kind vraagt of jij de tekening mooi vind, dan kun je opteren om te vragen wat hij/zij er zelf van vind. Zo stimuleer je haar/hem om te reflecteren. Als je kind boos is dat het niet lukt kan je die frustratie spiegelen: “Ooooh, je wilde zo graag een boom tekenen en je bent niet blij met hoe het er nu uitziet! Dat vindt je niet leuk! Ik ben hier bij je! En als je er klaar voor bent kan je altijd nog verder oefenen. Of als je kind super blij is met een tekening die af is, kan je zeggen: Oh kijk! Jouw tekening is klaar! En je bent er zo blij mee. Wat leuk! Wil je hem graag ophangen? Je kan ook jouw interesse tonen door te vragen welke dingen zij/hij zo leuk vinden aan de tekening.

Als je tekenen zelf heel belangrijk vind (of eender welk creatief medium dan ook), kan je dat zeggen vanuit jouw eigen beleving in de plaats van als een soort algemene waarheid. En je kan ook uitspreken dat het je zo veel plezier doet om hem/haar bezig te zien in haar/zijn diepe concentratie en harde werk.

Kinderen kunnen soms heel diep geconcentreerd zijn in een zelf uitgevonden leerproject. Bijvoorbeeld twee dingen in mekaar passen die totaal geen relatie met elkaar hebben of een trui als broek aantrekken, … . Hoe meer vrijheid ze hierin krijgen en hoe minder vaak ze horen dat ze het verkeerd doen, of dat dit ding voor iets anders dient, of dat dit niet zo hoort, … . Hoe meer ze zullen vertrouwen in hun eigen inventieve capaciteiten.

SONY DSC

Wat kan je doen om over je eigen drempels heen te komen?

Omdat opvoeden toch nog steeds het beste werkt door het zelf to doen zoals we het willen zien, is het ook interessant om te kijken naar onze eigen belemmeringen. Het inzicht dat wat er in de weg zit eigenlijk een angst is is goed nieuws. Dat betekent namelijk dat je over die angst heen kan komen. De manier om dat te doen is om een soort traject van kleine stapjes af te leggen waar je steeds kiest voor een situatie waar je je enerzijds veilig voelt (emotionele veiligheid) en anderzijds net zo dicht komt van waar je bang voor bent dat je een lichte sensatie van ongemak ervaart. Ga er dus niet meteen helemaal induiken, want dan raak je die emotionele veiligheid kwijt en is het proces niet meer helend. Voor die genezing van angst heb je dus dat evenwicht nodig tussen veiligheid en ongemak. En naarmate dat je het ongemak ombuigt naar comfort groeit de comfortzone en vermindert de angst.

Wat je nog zal nodig hebben om te durven creatief zijn is om er voor te kiezen jezelf niet af te straffen met gedachten die destructief zijn. Als je die gedachten voelt binnenkomen dan kan je jezelf aan het volgende herinneren:

Als het de moeite waard is om geoefend te zijn, is het dus ook de moeite waard om te oefenen.

 

Kinderspel is werk

Hallo,

Tot nu toe heb ik nog niet echt iets gezegd over de naam keuze van het blog. Nu wil ik daar graag iets over vertellen. Mijn 2 grote heldinnen en inspiratie bronnen die helpen bij de ontwikkeling van Hannah zijn Maria Montessori en Aletha Solter. Beiden dokters die hun hele leven met kinderen hebben gewerkt en inzichten hebben neergeschreven die zo krachtig zijn. Wat ze voorstellen is zo constructief en positief. Helemaal zonder angst, of dingen forceren, zij hebben gezien hoe bijzonder die kleintjes zijn en hoe de gangbare manieren die werden toegepast om kinderen te “helpen” eerder een beperking vormden. Beiden zijn er van overtuigd dat straffen en belonen enkel negatieve effecten heeft, en beiden erkennen dat zo veel mogelijk aan de behoeften van een kind te gemoed komen enkel positieve effecten heeft. En dat autonomie een grote behoefte is, dat een kind eigenlijk zelf heel goed weet wat het nodig heeft, en dat het in een geschikte omgeving precies die materialen selecteert die zijn ontwikkeling op dat moment ten goede komen.

Hoe kijkt Maria naar spel? Maria zag dat wat het kind doet helemaal niet doelloos is. Want zo werd het spel van een kind in die tijd wel vaak ervaren; zich doelloos bezig houden. En omdat een kind constant bezig is een kleine wetenschapper te zijn, en om opnieuw en opnieuw iets te proberen zodat het meesterschap en expertise kan krijgen over een bepaalde handeling zag Maria het kinderspel als essentieel werk. Het werk van het kind.

Hoe kijkt Aletha naar spel? Aletha ziet spel als de taal van het kind. Een kind kan zich nog niet zo goed uitdrukken als volwassene in woorden en heeft nog niet die virtuositeit die volwassenen hebben met taal. Zij hebben in het aller begin enkel hun huilen om zichzelf tot expressie te brengen, en op een gegeven moment komt daar spel bij. Aletha heeft meerdere categorien van spel geïdentificeerd. En omdat Aletha het vooral ziet als een vorm van expressie is het ideaal als er gespeeld wordt samen met iemand. En zo kan het spel een kader vormen om het kind te helpen met spanningen los te laten door te lachen. Er is bijvoorbeeld “symbolisch spel”; denk aan poppen enzo en spelen dat de pop op het potje moet. Zo kan een kind gebeurtenissen verwerken waar het nog spanningen rond heeft of wat angst ervaart. Op het potje gaan is best spannend voor een lerend kind! En hier in huis komt het thema vaak terug! Er is ook “nonsense play” gewoon gek doen dus, en je kind laten lachen. Hier hoeft eigenlijk geen uitleg bij he, dat doen we toch allemaal ;). Dan zijn er “power reversal games” hier kan het kind eens de positie van de bovenhand beleven. Dat zijn alle spelletjes waarin het kind “wint”, de ouder zwak, klungelig, boos, dom is. Waarom gewoon lopen als je ook af en toe eens kan vallen, en waarom niet eens iets niet snappen dat je peuter al lang onder de knie heeft? En, laat je peuter je eens om duwen terwijl jij niet snapt hoe ze dat voor mekaar krijgt. Die laatste is hier althans een enorm success. Als Hannah even “te lang moet stilstaan om die kleren aan te krijgen” dan zie ik een glimlach verschijnen en een voorzichtige duw in mijn richting komen. Ik weet dan wat ik moet doen. Zeker ook niet te vergeten zijn de “separation games”. Ook hier doen we dat eigenlijk al van nature uit, en het zit ook in onze cultuur zonder dat we precies aan deze theorie denken. We doen het gewoon. Denk maar aan kiekeboe, verstoppertje, … en de kinderen willen meer en meer, en ze kunnen er goed door lachen en spanningen rond achter gelaten te worden te herstellen. Denk maar aan alleen in een bedje liggen, naar de opvang moeten, naar school, en ook gewoon die keren dat jouw aandacht ergens anders is. Er zijn nog categorien en ik raad zeker aan om het boek attachment play te lezen.

SONY DSC
beer op het potje

Ik vind het steeds geruststellend dat heel veel van dat opvoeden eigenlijk natuurlijk komt. En vandaar dat het wel passend vond om ook dat als kinderspel te zien. Laat jezelf toe om het te doen op een manier die voor jou goed en natuurlijk aanvoelt. En zo wordt het letterlijk kinderspel. Het wordt moeilijk als je vanuit je hoofd begint op te voeden als je denkt dat bepaalde dingen moeten. Als je iets uit plicht, schuldgevoel of angst gaan doen dan wordt het ook heel moeilijk om contact te houden met je gevoel en ook met je kind. En Attachment play is dan letterlijk de dankbare weg naar een hersteld contact! speel dus met je kind, en opvoeden wordt kinderspel. sort off 😉

Spelen is als volwassene lang niet altijd makkelijk. Het wordt snel “saai”, en we willen liefst andere dingen doen die we nog “moeten” doen. En misschien hebben we het zelf als kind niet heel veel meegemaakt dat we samen met onze ouders speelden en kunnen we dus moeilijk contact maken met dat gevoel van hoe heerlijk het kan zijn. Of we hebben geen inspiratie. En wat ik hier rond vooral wil meegeven. Elke minuut die je met je kind speelt zal al een effect hebben. Het is een hele goeie tijds- en energie investering. Kinderen werken opeen veel beter mee, ze zijn vrolijker. En als je eens al de tijd zou samen tellen dat je in een power struggle zit, dan lijkt het me toch interessanter om die tijd al spelend door te brengen. 😉

SONY DSC
pop moet ook kleertjes aan

Afsluitende gedachte: Wat een kind alleen doet is misschien helemaal niet spelen maar eerder werken. En wat een kind samen met ons doet is spelen. En dat is spel is een gesprek vol vreugde en het helpt ons om hen te helpen!

Veel spel genot!

 

Leer me het zelf doen

Hallo,

 

Toen ik zwanger was en begon te denken over alle spullen die ik zou nodig hebben dan heb ik van een aantal dingen gewoon aangenomen dat je die nodig hebt. Bijvoorbeeld een wiegje, een bedje, een wandelwagen, een park, een wipstoel, een hoge stoel. En als je deze eens naast elkaar zet dan zie je dat heel deze baby uitzet het doel heeft om de baby vast te gespen weg van de ouder. In geen van deze meubelen kan de baby vrij bewegen, en in geen van deze meubelen kan de baby de veiligheid van de nabijheid van zijn ouder ervaren.

En zonder dat we het beseffen ervaart de baby frustraties. Vaak beginnen ouders op hun beurt ook frustraties te beleven. “stop eens met alles vanuit de hoge stoel op de grond te gooien!”; “toe! doe eens je mond open!”; “Blijf nu eens liggen in de bedje!”; “Nee, het speelgoed hoort IN het park”. Herkenbaar?

SONY DSC

Vaak is onze eerste reactie als ouder om op die manier aanwijzingen te geven over hoe het kind zich “hoort” te gedragen. En we zijn in contact met onze eigen frustraties die eigenlijk gewoon uit het verleden komen. Gevoelens van machteloosheid die komen uit onze kindertijd. Wij voelden ons machteloos en als ons kind niet “wil meewerken” voelen we ons weer machteloos en eigenlijk heeft het niets met het gedrag van het kind te maken. Wij maken als het waren een kleine tijdsreis naar oude emoties die we nooit hebben kunnen uiten bij iemand die naar ons luisterde.

Het mooie is, als we onze doel even verleggen van “het kind te doen meewerken” naar “wat heeft mijn kind nodig, en hoe kan ik die behoefte invullen” dan worden deze frustraties bij het kind niet opgebouwd en is er dus ook geen behoefte aan het “onwenselijke gedrag”.

Welke behoeften zijn er dan dat het kind ingevuld wil zien op zulke momenten? Ik denk aan: Autonomie, onafhankelijkheid, bewegingsvrijheid, zichzelf ontwikkelen, onderzoeken van de fysica van de wereld, emotionele veiligheid, contact, …

SONY DSC

Misschien wil jouw baby zelf bepalen wanneer zij eet, speelt, slaapt. Misschien wil hij helemaal niet gevoed worden en wil hij het gewoon zelf doen. Misschien wil je baby naar hartenlust vrij bewegen door de ruimte. Misschien gooit ze haar boterham op de grond om de zwaartekracht te ontdekken. Of misschien doet hij dat om een spelletje te initiëren omdat hij er nood aan heeft om contact te herstellen, of om door middel van lachen zijn frustraties rond machteloosheid te verwerken. En zo zijn er nog talloze voorbeelden van hoe een baby eigenlijk gewoon zijn eigen noden aan het invullen is als zij “niet willen” mee werken. En je kan met een beetje inlevingsvermogen al snel bedenken welke noden er zijn, en zo kan je zowel je baby als jezelf helpen. En misschien wordt je er nog wat creatiever van door het zoeken naar oplossingen die voor zowel jezelf als voor je baby de noden invullen. En ik wil er ook nog even bij vermelden dat je baby op een gegeven moment oik een behoefte zal hebben om spanningen te ontladen via huilen in jouw nabijheid. Want spanningen die zullen onvermijdelijk toch nog deels worden opgebouwd.

SONY DSC

Hoe kan ik dan aan de behoeften van mijn baby voldoen om deze typische situaties te vermeiden? Om aan de behoeften van autonomie, onafhankelijkheid en bewegingsvrijheid te voldoen raad ik aan om de ruimten waarin je baby vertoeft in te richten zonder meubelen waar zij niet zelf in en uit kan. De Montessori baby kamer is hier een heel mooi voorbeeld van. Er ligt doorgaans een matrasje op de grond in de hoek van de kamer. Daarop ligt de baby op zijn rug. Er hangt een mobile die af en toe vervangen wordt om een gepaste prikkeling aan te bieden. Later een speeltje net binnen handbereik, zo kan hij leren grijpen en vasthouden. Ook zijn er natuurgetrouwe afbeeldingen laag aan de muur zodat een baby zich zal oprichten en zo zijn spieren ontwikkelen om later te leren kruipen. En als hij leert kruipen dan kan hij zelf van het matrasje af, en over een tapijtje naar een laag rekje met enkele zorgvuldig uitgekozen speelgoedjes die gemaakt zijn van natuurlijke materialen. Ook een mandje met huishoud dingen is ideaal als ontdekkingstocht. Zo leert de bay het verschil te voelen in temperatuur, gewicht, … van bijvoorbeeld een houten lepel en een metalen lepel. Een schapenvacht is ook ideaal, zo kan je baby in de buurt blijven van de familie activiteit en als het moe is inslapen in de nabijheid van de ouder. Om aan de behoefte van nabijheid en contact te voldoen heb je in principe geen meubelen nodig. veel knuffelen, spreken tegen haar, zingen, … en laat je baby niet alleen slapen! Soms kan het handig zijn om een draagdoek te gebruiken als je zelf niet beschikbaar bent om stil te zitten. En als je buiten gaat en alle indrukken een beetje wil beperken dan is een draagdoek ook een aanrader. Al adviseer ik toch om het buitengaan in de eerste 6 maanden zo veel mogelijk te beperken.

SONY DSC

Hoe pakken we het aan in de peutertijd? Wel, de behoeften aan autonomie, onafhankelijkheid, zelfontwikkeling, … zijn nog extra sterk aanwezig in de peutertijd. En dus is het nog extra belangrijk om de ruimtes zo in te richten dat ze veilig zijn voor kinderhandjes, en dat ze de mogelijkheid bieden om zelf aan die dingen te kunnen die het kind nodig heeft om zijn behoeften in te vullen. Voorbeelden zijn een laag tafeltje, en een lage stoel om te eten. Een Montessori leertoren in de keuren om te helpen koken. Een klein rekje in de keuken met de spullen die de peuter gebruikt om bijvoorbeeld te eten. Kleren die los zitten die ze zelf kunnen leren af- en aantrekken. Schoenen die ze zelf kunnen aantrekken en een kapstok op de hoogte van het kind.

Hannah geniet er zo van om ‘s ochtends zelf in- en uit de toren te klimmen om de pap te roeren, daarna zelf een kommetje en een lepeltje te pakken en de tafel te dekken voor zichzelf. Zelf rozijntjes in de pap te doen en als ze voldaan is om het kommetjes zelf naar de keuken te brengen. Zelf haar handen en mond schoonmaken met een nat washandje en vervolgens te helpen met zelf haar kleren aandoen. Doe schoenen die lukken al helemaal zelf, al komt er dikwijls nog een frustratiekreet bij kijken, en dan een glimlach van voldoening.

SONY DSC

 

Zo veel invloed, zo veel kansen

Hallo,

Als mensen een pasgeboren baby zien dan worden ze vaak een beetje stil. Het is heel ontwapenend eigenlijk. Zo kwetsbaar, en zo veel potentieel. En het is eigenlijk nog lang niet zo algemeen gekend hoeveel invloed de directe omgeving van een pasgeborene heeft op de basisovertuigingen die het kind zal meedragen. Die basis overtuigingen zullen de persoonlijkheid van het kind sterk beïnvloeden. Het is eigenlijk zelfs zo dat de omgeving van de baarmoeder dat ook al sterk doet. Bijvoorbeeld als de moeder stress beleeft tijdens de zwangerschap dan zal de baby zich als het ware voorbereiden op een harde wereld.

Het mooie is dat de invloed die we kunnen hebben op het veiligheidsgevoel van onze kinderen, en invloed in het algemeen, niet stopt na die eerste indrukken in die eerste maanden. De grootte van het effect van één enkele ervaring zal misschien een beetje afnemen, maar de kans om bijvoorbeeld angst en spanningen te genezen die blijft zeker aanwezig.

Het is nooit te laat om veiligheid te bieden, contact te versterken, vreugde op bouwen en je kind te helpen van spanningen te genezen.

Dat vind ik een hele krachtige gedachte.

SONY DSC

Dat betekent namelijk dat je als ouder helemaal niet perfect moet zijn. Als je bereid bent om te beseffen dat je die kansen hebt, en als je bereid bent om bij jezelf te checken wat jij heel belangrijk vind, wat jouw kind nodig heeft, en wat jij jouw kind heel graag wil geven, dan is er eigenlijk niets die daarvoor in de weg hoeft te staan. Ik vind het fijn om de kans te kunnen nemen mensen er aan te herinneren dat er eigenlijk helemaal niets hoeft of moet.

Er is niets dat moet, je hebt zelf de kans om te kiezen en datgene te doen en te laten waar jij je goed bij voelt en wat jij belangrijk vind. Kiezen is zo krachtig. En we vergeten soms hoeveel kracht we eigenlijk hebben. Het is een geschenk om die kracht te hebben. Om te kunnen kiezen, en soms misschien wat eng om te beseffen dat het aan ons is om te bedenken wat we er mee gaan doen. En wat wil jij er mee doen? Er is zo veel werk te doen, en we zijn er allemaal om bij te dragen aan elkaars leven. Wat een bevrijding om het zo te bekijken. niet?

We zijn vanuit onze cultuur zo gewend om het allemaal zo te ervaren alsof het ons overkomt. En alsof we geen ruimte hebben om onze eigen keuzes te maken. Dat we naar ons werk “moeten”, dat we ons huis “moeten” afbetalen, “dat we wel meer tijd met onze kinderen zouden willen spenderen maar dat we gewoon “geen tijd hebben”.

Ik heb jaren lang met zulke gedachten rond gelopen. En ik had mijn tijd en mijn budgetten dusdanig krap ingedeeld dat er effectief geen ruimte meer was om een steek te laten vallen. En op het moment dat ik die keuzes maakte, om “mezelf vast te zetten” hield ik er geen rekening mee dat ik me misschien wel eens minder goed zou voelen. Ik plande maar in, en aan het eind van de dag, week, maand, jaar besefte ik dat ik moe was. En dat ik mijn dochter naar de opvang bracht, en ze was daar zo veel uren in een dag, en zoveel dagen in de week was. Ik zag dat ze er onder leed, en ik zag geen opties. Geen kansen om het voor haar en voor mezelf anders te regelen. Ik voelde me machteloos.

Weet je, het idee dat je de hele dag moet gaan werken, en waarschijnlijk ook nog in de file moet gaan staan om een job te doen waar je niet helemaal kan achterstaan, en dan aan het eind van de dag thuis te komen. versleten. Allemaal omdat je dan dat huis kan betalen dat je net de hele dag hebt leeg gelaten, dat wordt ook wel eens een “rat race” genoemd. En ik kan wel zien waar die term vandaan komt 😉

Ik begin nu meer en meer te zien dat ik zelf de touwtjes in handen heb, wat betreft, wat ik met mijn leven ga doen. Hoe ik mijn tijd ga invullen. Hoe ik ga bijdragen aan de levens van anderen. En nog meest van al. Hoe ik een voorbeeld kan laten zien aan mijn dochter. Hoe zij niet hoeft op te groeien met het idee dat het haar allemaal overkomt. Of denkt dat ze moet. Of dat ze niet veel ruimte zou hebben om keuzes te maken.

Dat is het grootste geschenk dat ik haar kan geven. Om zelf te kiezen dat leven te leiden dat aansluit bij mijn eigen waarden en normen. Om die keuzes te maken, die trouw zijn aan hoe ik me voel en die mijn vervullen.

En weet je, ook dat hoeft niet perfect te zijn. Perfectie is eigenlijk gewoon een barrière die afschrikt om ergens aan te beginnen. Als iets het waard is om energie in te steken, is het dat ook waard als je dat maar een beetje doet. Dus kleine stapjes, … en die maken het verschil. 🙂

Boeken die kunnen helpen als dit bij jou resoneert:

Als je je kind wil helpen om van spanningen te genezen: tears and tantrums

Als je wil leven in lijn met jouw waarden en noden: non violent communication

wat is “goed” opvoeden?

Hallo,

Vandaag toen ik mijn dochtertje ging ophalen bij de opvang zag ik dat er enkele ouders een beetje ongemakkelijk stonden te wachten op hun peuter bij de ingang. De peutertjes waren aan het spelen met een aantal loopfietsjes die bij de ingang staan. Ik denk dat er 3 peutertjes aan het fietsen waren en dus ook drie ouders die aan het beramen waren hoe ze hun kind het snelst mee naar huis gingen krijgen. Ik hoorde één mama opmerken dat die fietsjes hier toch niet zouden mogen staan, en ze zuchtte er bij.

Wat er mij meteen opviel was dat elke ouder een andere manier had om met hun gevoelens van machteloosheid om te gaan. Eentje was aan het bedelen, “toe, gaan we nu naar huis?”, een andere ouder was geduldig aan het wachten en volgde het kind daarna in een afgezet stukje van de zaal waar nog meer speelgoed stond. En de derde mama zette een strenge stem op, en toen dat niet hielp kondigde ze aan dat ze alvast ging vertrekken, en toen dat niet hielp ging ze haar zoontje oppakken en dragen naar buiten.

Ik wil heel graag met jullie meegeven dat het niet mijn bedoeling is om een bepaalde manier van opvoeden als minder goed of beter te evalueren. Het is niet mijn bedoeling om deze mama’s met elkaar te vergelijken. Het enige wat ik hiermee wil vertellen is dat het van ouder tot ouder verschilt hoe ze in zo’n “moeilijk” moment reageren. En het feit dat er andere ouders bij waren maakte de situatie niet comfortabeler.

Aletha Solter (www.awareparenting.com) beschrijft dat de manier waarop we “automatisch” gaan opvoeden voortkomt uit de manier waarop wij zelf werden opgevoed. Ik vraag me af of je dat herkent. Dat je soms ondervind dat je dingen gaat zeggen die jouw eigen vader of moeder tegen jou hebben gezegd.

En er is een tweede factor die onze stijl van opvoeden zal bepalen, en dat is eerder een bewuste factor. Vaak gaan we kiezen voor een opvoedingsparadigma die de focus legt op die dingen waarbij wij zelf het gevoel hebben dat we iets tekort zijn gekomen toen wij zelf kind waren.

Dus je zou kunnen zeggen dat we kiezen voor een opvoedingsstijl voor onze kinderen waarin we ons afzetten tegen die van onze ouders. En dat we tegelijk van nature precies dat gaan doen dat onze ouders gedaan hebben. Dus om die andere weg in te slaan, kost het ons heel veel moeite.

En dat komt omdat daar vaak nog veel gevoelens zitten die nog niet verwerkt zijn geweest. Aletha beschrijft in haar boek “babies weten wat ze willen” dat ze er voor wilde kiezen om haar kinderen veel fysiek contact te geven. En toch als ze haar baby vasthield dat ze een sterke drang voelde om te huilen. En dat kwam omdat zij uit een gezin kwam waar de kinderen heel kort na elkaar werden geboren en daardoor was er niet voldoende lichamelijk contact geweest voor haar om die behoefte in te vullen.

Dus voor mij is mijn affiniteit met Aware Parenting waarschijnlijk ook sterk gelinkt aan mijn eigen vroege ervaringen. Aware Parenting heeft 3 duidelijke pijlers: een sterke hechting, opvoeden zonder straffen en belonen, en de erkenning dat kinderen kunnen genezen van trauma en spanningen door gehoord te worden met empathie tijdens hun huilen.

Ik denk dat het absoluut OK is om op die manier een opvoedingsparadigma te kiezen, en ik denk dat het alleen maar krachtiger kan worden als er enerzijds het besef kan zijn waar die keuze vandaan komt, en anderzijds dat we als ouders de tijd kunnen nemen om die vroege gevoelens te verwerken zodat we die niet moeten meedragen, overdragen op onze kinderen, of dat we die gevoelens niet steeds zullen moeten onderdrukken als ze in een lastige situatie komen boven borrelen. Want dat zijn die momentjes dat we de neiging hebben om de patronen van onze ouders door te zetten in plaats van precies datgene te doen waarvoor we zo graag willen kiezen.

Dus goed opvoeden is denk ik vooral een kwestie van invoelen wat voor jou goed is. Die keuze waar jij achter staat. Zolang als je weet waar die keuze vandaan komt. Dat er een besef is dat het vooral met onze eigen vroege ervaringen te maken heeft en dat we die gevoelens kunnen verwerken zodat we die niet op onze kinderen moeten projecteren.

Ik droom van een wereld waar ouders gehoord kunnen worden door andere ouders. Dat we empathisch kunnen zijn voor elkaar. We beseffen maar al te goed hoe veel het vergt om er steeds te staan voor onze kinderen zo attent als we kiezen om er voor hen te zijn. En toch hebben we vaak de neiging om andere ouders te evalueren, en dat is volgens mij vooral een spiegel van die strenge stem waarmee we tegen ons zelf spreken. Zijn we niet zelf onze grootste criticus? Ik zou alle ouders willen uitnodigen om zacht te zijn voor zichzelf. Perfectie is voor niemand haalbaar, en dat hoeft ook niet. Ik denk dat de kleine stappen die we zetten al een enorm positief effect hebben op onze kinderen. En als het even moeilijk gaat dan zijn er tastbare tools ter beschikking om ons te ondersteunen, en daar ga ik nog veel over vertellen!

Waarom een blog?

Hallo,

Ik stel mezelf even voor: Mijn naam is Liza Pinson en ik ben 19 maanden geleden mama geworden van Hannah. Ik heb altijd geweten dat ik graag kinderen wilde en ik had ergens wel een idee dat de natuur wel wist hoe het allemaal moest en dat ik eigenlijk wel gewoon op de natuur kon vertrouwen tijdens het zwanger zijn en ook daarna met opvoeden.

En toen ik zwanger was, en samen was met iemand die ik nog niet heel lang kende, ook zeker nog niet zo lang mee samen woonde, had ik een beetje mijn ogen gesloten voor het feit dat het allemaal een beetje een gok in het wilde weg was. Was er eigenlijk wel die connectie die een goede basis vormt voor een hecht gezin. Ik moet bekennen dat ik ergens altijd wel een stemmetje heb genegeerd. En de relatie liep ook stuk tijdens de zwangerschap. En er waren zooooo veel factoren die me stress hadden bijgebracht, onzekerheid hadden meegebracht en me ook ronduit angstig en zelfs getraumatiseerd hadden achtergelaten. Ik had veel aan mijn hoofd. Hoe ging ik nu voltijds werken EN een alleenstaande mama zijn EN een huis verbouwen (want op dat moment was er nog bijna nergens elektriciteit in mijn huis, er was enkel beneden verwarming, in de keuken enkel koud water, en heel wat afbraak. Ik kon er echt geen gezellig plek meer van maken) EN studeren (want ik was nog bezig met een avondopleiding die ik voor mijn werk wilde afronden) EN er weer bovenop komen emotioneel? Ik heb er mijn tanden in gezet en heel veel kunnen doen op pure wilskracht. Dat kan ik wel zeggen.

Mijn verwachtingen voor de bevalling waren een natuurlijke onderwaterbevalling zonder pijnbestrijding, en meteen na de geboorte te kunnen connecteren met mijn dochter huid op huid en haar meteen de kans te geven om de borst te zoeken voor haar eerste maaltijd. Die verwachtingen, dat het allemaal natuurlijk zou gaan, moest ik bijstellen. Na 10 dagen over tijd te gaan werd ik ingeleid. Na 14u opgewekte regelmatige weeën was nog maar op 7 cm opening en werd mijn water gebroken. Toen bleek dat mijn ongeboren dochter waarschijnlijk even in nood is geweest voor de geboorte want er zat meconium in het vruchtwater. Er was fysiek niets aan de hand met haar, ze was een perfect gezonde baby, maar toch heeft ze paniek ervaren en dat is ook niet gek. Baby’s voelen precies wat de moeder voelt, op een chemisch niveau deelt de mama haar stresshormonen via haar bloed met het ongeboren kind. Op dat moment heeft de dokter gekozen om met pijn bestrijding te beginnen en kreeg ik een ruggenprik. Ik heb niet geprotesteerd. Toen hebben we nog een 7 tal uren gewacht en gekeken of Hannah zich ging draaien, want ze lag verkeerd om door het geboortekanaal te passen, en ik had nog steeds maar 7 cm opening. Toen koos de dokter voor een keizersnede. Ik vroeg hem of hij er voor kon zorgen dat zij toch zo snel mogelijk bij mij mocht komen, dat ze mijn stem, en lichaam zou herkennen. Hij zou zijn best doen, maar ook die laatste wens kon niet in vervulling gaan.

Ik heb haar heel even “gesproken” toen ze door de dokter op de operatietafel uit mijn buik werd gehaald. Ze liet wat kreetjes en ik sprak tegen haar. Ze herkende mijn stem en werd er even rustig van. Het was een van de mooiste momenten die ik me kan herinneren. Het duurde niet lang, de kinderarts begon met grove werken aan haar lijfje. Zuigen in de luchtwegen om het meconium uit de longen te kunnen halen. Toen werd ze weggebracht en werd ze onder toezicht van mijn moeder (die naar aanleiding van de taferelen die ze daar gezien heeft nog steeds een trauma heeft) geprikt, en geprikt en nog meer geprikt. Ze kreeg zuurstof, verdoving, een foto van de longen, … en er werd me medegedeeld dat ze naar Brugge overgeplaatst zou worden omdat ze geen risico wilden nemen en omdat ze in Brugge meer ervaring hebben met het opvolgen van meconium. Ik zou de dag nadien ook naar Brugge mogen. Verdoofd en misselijk accepteerde ik alles.

Door de pijn van de operatie kon ik heel moeilijk op de been, en als ik mijn dochter in de andere afdeling wilde zien moest ik vragen aan de verpleging om me te brengen. Dat vond ik niet fijn, ik wilde zelf kunnen gaan. Ik mocht lang niet altijd, en ik bleef ook niet heel lang. Iets in mij was teleurgesteld en kon er nog niet het beste van maken. Ik wilde naar huis en daar als het ware opnieuw beginnen. 6 dagen heeft ze daar gelegen. Ze kreeg antibiotica en intraveneuze voeding waardoor ik de borstvoeding opgang probeerde te laten komen met een kolfapparaat en een foto van mijn baby die van top tot teen in buisjes lag. Op die foto keek ze boos en bedrukt. En dat is ook het beeld dat ik in die zes dagen heb gezien. De verpleging grapte dat ze een boze baby was. Ik zag een sterk kind dat luidkeels NEEN aan het roepen was. Ik was trots.

Na dit hele verhaal zijn we thuis ook niet echt opnieuw kunnen beginnen. Mijn dochter huilde, en huilde eenmaal dat we thuis waren, en ik had me voorgenomen om er alles aan te doen om haar ervan te overtuigen dat de wereld een veilige plek is. Want het kan volgens mij niet anders dan dat ze tot nu toe een beeld van de wereld had gevormd dat het geen veilig plek is. Ik ging dat voor haar veranderen, en dat ging ik doen door er altijd voor haar te zijn. Dus als ze huilde dan wiegde ik haar. Ik droeg haar in de draagdoek en liep met haar rond, of ik voedde haar. Ik voedde haar soms wel elke 1,5 uur. Ze kon niet zelf in slaap vallen en zelfs al had ik haar in slaap gewiegd dan kon ik haar niet weg leggen. Ik was uitgeput, en ik slaagde er niet in om rust te vinden. voor geen van ons beiden. Ik herinner me dat ik er niet in slaagde om aan tafel te zitten om te eten. Dat ik met haar rondliep al wiegend terwijl ik af en toe een hap eten in mijn mond stak. Ik dacht dat ik eerst moest zorgen dat zij gerust gesteld was, en dat ik dan wel de kans zou krijgen om zelf op mijn plooi te komen.

Ik kreeg van vele mensen het advies om Hannah te laten uithuilen. Om ze te laten liggen. Om haar geen gewoonte “aan te kweken” van in te slapen in mijn armen. Ik weet dat die mensen het allemaal goed bedoelden, en ik voelde me alleen op de wereld, want mijn hart vertelde me dat ik haar niet alleen mocht laten. Dat ze zich daardoor alleen onveilig zou voelen en dat we daar beiden de prijs zouden voor betalen op een later moment. Ik heb het dus in mijn beleving moederziel alleen volgehouden op wilskracht. En nu zie ik dat het ook anders had gekund.

Toen Hannah twee maanden werd heb ik de boeken van Aletha J. Solter (zie http://www.awareparenting.com) gevonden. “Babies weten wat ze willen” en “de taal van het huilen”. Aletha beschrijft dat kinderen ingebouwde mechanismen hebben om van stress en trauma te genezen. En die zijn in eerste instantie bij de alle jongste babies om in warme, luisterende armen rustig te mogen uithuilen. Wat een openbaring was voor mij, is dat er naast het huilen dat babies gebruiken om hun noden te communiceren ook nog een huilen is dat komt als een baby zich veilig voelt om zich te laten horen, en dat soort huilen werkt genezend. Ik las ook in haar boeken dat je een baby niet kan verwennen door aan alle behoeften zo veel mogelijk te voldoen. Dat je daar geen verwende kinderen door krijgt, in tegendeel. En ik besefte dat ik door al dat wiegen om haar te troosten eigenlijk een kans was misgelopen voor ons beiden. Een kans voor haar om te genezen van de valse start, en een kans voor mij om tot rust te komen.

Vanaf dat moment ben ik heel methodisch aan het werk gegaan om alle adviezen toe te passen, en om telkens als Hannah huilde eerst te kijken of er behoeften waren voor bijvoorbeeld eten, of een schone broek, of nabijheid, of bescherming tegen koud of overprikkeling, … en als ik zeker was dat alles ok was, om dan gewoon te luisteren naar haar terwijl ik haar liet weten dat ik er was. En ik moet zeggen, zo achteraf gezien,… ook dat deed ik op pure wilskracht, want ook al waren we nu maanden verder, en zelfs als ik al weer aan het werk was en het “normale” leven zijn gang begon te gaan, … ik had nog maar amper geslapen, en ik voelde me nog steeds niet veilig. En ook al voelde ik in mijn hele lijf dat alles wat Aware Parenting beschrijft precies is wat we nodig hadden, en ook al slapen babies met Aware Parenting beter dan met andere “methoden”, toch sliep Hannah nog steeds niet. En ik dacht dat we nog steeds veel huilen in te halen hadden. En ik merkte dat Hannah eigenlijk helemaal niet vaak huilde. In tegendeel. Ze was een alerte, onderzoekende baby. Die heel aangenaam is in het contact, en heel “flink” door het level gaat. Maar ja,… slapen en huilen dat deed ze niet zo veel.

En nu, is ze 19 maanden, en zit ik hier thuis met een burn out. Op het werk is het het afgelopen jaar ook geen lachertje geweest, en deed ik tot voor kort nog steeds alles op pure wilskracht. verbouwen, attente mama zijn, voltijdse enthousiaste werknemer met veel hooi op de vork. En nergens een back up die het even kon overnemen.

Sinds ik thuis ben, is er op korte tijd veel veranderd. Ik ben tot rust aan het komen, en mijn angsten en verdriet komen nu ook eens aan bod. En ik ben tot het besef gekomen dat je er als mama alleen helemaal kan zijn voor je kind als je er ook helemaal voor jezelf kan zijn. Dus die volgorde van eerst te zorgen dat Hannah OK is, en dan “kan ik mezelf wat tijd en ruimte gunnen”, dat werkt dus niet. En gek genoeg beschrijft Aletha Solter dit ook in haar boeken. Begin dus bij jezelf als ouder, en je kinderen zullen je stemming spiegelen. En telkens als ik iets meer ruimte creëer om wat “bagage” te verwerken dan zie ik dat Hannah zich veiliger voelt om dat ook te doen. En ja hoor. Nu huilt ze vaker uit in mijn armen, en ze slaapt! wat een zaligheid. Dat is wat wij beiden nodig hadden.

Ik ben zo dankbaar voor de inzichten die Aware Parenting ons hebben gebracht. En de ondersteuning die ik heb kunnen ondervinden bij andere Aware Parents die ik online heb ontmoet. Ik wil deze inzichten delen. En ik ben er zeker van dat andere ouders die misschien ook sukkelen met kindjes die moeilijk slapen, of denken dat ze zichzelf op een tweede plaats moeten zetten, … ook veel zullen hebben aan deze inzichten. Dus daarom wil ik bloggen. Over wat kinderen nodig hebben EN wat ouders nodig hebben EN hoe we elkaar kunnen helpen EN hoe wonderbaarlijk die kleintjes onder ons zijn, EN hoe mooi het is om ze bezig te zien zichzelf te ontwikkelen. Ik wil het hebben over de kracht van contact en connectie, en de kracht van het spel, en lachten, en huilen, …

Ik kan niet wachten om te beginnen en te vertellen over kleine en grote dingen en misschien vinden jullie wat inspiratie. 🙂